**1..** Geen verlaging wordt toegepast op de norm voor een gezin indien geen ander (gezin) in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft.
**2..** Voor een gezin bedraagt de verlaging van de norm 10% van de gezinsnorm indien:
één ander (gezin) in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft;
het gezin door het college worden aangemerkt als onderhuurder.
**3..** Voor een gezin bedraagt de verlaging van de norm 20% van de gezinsnorm indien meer dan een ander (gezin) in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft.