Aan de ambtenaar zoals bedoeld in artikel 3:7:8 van de Arbeidsvoorwaardenregeling, die het maximum van de uitloopschaal heeft bereikt, kan door de directie een toelage worden toegekend tot maximaal het verschil tussen het maximum van de uitloopschaal en een bedrag dat drie regels hoger ligt in de daaropvolgende schaal.
Aan de ambtenaar aan wie, naar het oordeel van de directie, in verband met tijdelijke andere werkzaamheden, bijzondere eisen worden gesteld, kan door de directie een toelage worden toegekend tot een bedrag van maximaal drie hogere regels in de eigen schaal c.q., indien het maximum van de betreffende schaal al is bereikt, drie hogere regels in de daaropvolgende schaal. Deze toelage vervalt als de gronden waarop de toelage is toegekend niet meer aanwezig zijn.
Wanneer de situatie op de arbeidsmarkt daartoe aanleiding geeft kan aan de ambtenaar een toelage worden toegekend tot ten hoogste het verschil tussen het maximum van de voor zijn functie vastgestelde uitloopschaal en het maximum van de daarop volgende schaal. De toelage kan worden ingetrokken als de situatie op de arbeidsmarkt zodanig is gewijzigd dat er geen reden meer is voor een toelage.