Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Werktijden regeling

De gemiddelde arbeidsduur per jaar wordt als volgt berekend: 365,25 x 5/7 werkdagen x 7,2 uren 1.878,4 uren Feestdagen gemiddeld op werkdagen: Nieuwjaarsdag 5/7 Goede Vrijdag 7/7 Tweede Paasdag 7/7 Koningsdag 5/7 Bevrijdingsdag 5/7 Hemelvaartsdag 7/7 Tweede Pinksterdag 7/7 Eerste Kerstdag 5/7 Tweede Kerstdag 5/7 Totaal 7 4/7 dagen x 7,2 uren -/- 54,5 uren Gemiddelde arbeidsduur bij een volledige betrekking 1.878,4 -/- 54,5 = 1.824 uren Gemiddelde arbeidsduur bij een parttime betrekking, bijvoorbeeld 20 uur/week (=55,56%) 1.824 x 55,56% = 1.013 uren Het aantal werkdagen verschilt jaarlijks. En niet alle feestdagen vallen jaarlijks op een werkdag. Elk jaar wordt op basis van de werkelijke werkdagen en feestdagen, die niet op een zaterdag of zondag vallen, de werkelijke arbeidsduur vastgesteld. Als voorbeeld volgt de berekening van de werkelijke arbeidsduur voor het jaar 2014: 261 werkdagen x 7,2 uren 1.879,2 uren Feestdagen niet op zaterdag en zondag vallend: 8 dagen x 7,2 uren Nieuwjaarsdag, Goede Vrijdag, Tweede Paasdag, Koningsdag (2014 op zaterdag), Bevrijdingsdag, Hemelvaartsdag, Tweede Pinksterdag, Eerste en Tweede Kerstdag -/- 57,6 uren Arbeidsduur 2014 bij een volledige betrekking 1.879,2 -/- 57,6 = 1.822 uren Arbeidsduur 2014 bij een parttime betrekking, bijvoorbeeld 20 uur/week (=55,56%) 1.821,6 x 55,56% = 1.012 uren Het afronden van de arbeidsduur per jaar naar hele uren gaat als volgt: naar beneden afronden als de cijfers achter de komma 00 t/m 49 zijn; naar boven afronden als de cijfers achter de komma 50 t/m 99 zijn.

Rechtspraak bij dit artikel