Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 41.

Rondvraag

Onderdeel van Reglement van Orde 2012

1.. Het lid van de raad dat van de rondvraag gebruik wil maken, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp en de vraag dan wel vragen ten minste 12 uur voor aanvang van de raadsvergadering via de griffier bij de voorzitter. De voorzitter kan weigeren een onderwerp tijdens de rondvraag aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende actueel of niet geschikt acht voor behandeling in een rondvraag of indien het onderwerp in de raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt of wanneer de vraag niet geschikt is voor een direct en kort antwoord. 3.. De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde vragen tijdens de rondvraag aan de orde worden gesteld. 4.. De voorzitter bepaalt de spreektijd voor de vragensteller, voor het college, voor de burgemeester en voor de overige leden van de raad. 5.. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. 6.. Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. 7.. Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp. 8.. Tijdens de rondvraag kunnen geen moties worden ingediend en worden geen interrupties toegelaten.

Rechtspraak bij dit artikel