De inzameling kan plaatsvinden via:
een inzamelmiddel voor de gebruiker van een perceel;
een inzamelvoorziening voor de gebruikers van een aantal percelen;
een inzamelvoorziening op wijkniveau;
een brengdepot op lokaal of regionaal niveau.
Burgemeester en wethouders kunnen aanwijzen via welk(e) inzamelmiddel of -voorziening de inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt.
Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen anders aan de inzameldienst over te dragen of ter inzameling aan te bieden dan in van gemeentewege verstrekte minicontainers en/of emmers. Het is verboden om containers en/of emmers ter lediging aan te bieden die niet voorzien zijn van een door burgemeester en wethouders voorgeschreven en door de gemeente verstrekt herkenningsmiddel.
Tevens is het verboden de van gemeentewege verstrekte minicontainers en/of emmers te beschadigen danwel zonder toestemming van burgemeester en wethouders onderdelen daarvan te verwijderen.
De overdracht, respectievelijk de aanbieding van huishoudelijke afvalstoffen, dient te geschieden per afzonderlijk in de gemeente geregistreerde huisaansluiting.
Per huisaansluiting mogen maximaal twee containers en/of emmers per afvalstroom (te weten gft en restafval) aanwezig zijn.
HOOFDSTUK 2
Artikel 10