**1..** Het lid/de voorzitter/directeur bepaalt de onderwerpen die worden onderzocht. Hij formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. Hij voert onderzoek uit naar de (maatschappelijke) effecten van het gemeentelijke beleid en naar de efficiency en effectiviteit van het gemeentelijke beheer en van de gemeentelijke organisatie, alsmede van instellingen waarvan de activiteiten geheel of in belangrijke mate door de gemeente worden bekostigd.
**2..** De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de rekenkamercommissie ter kennisneming aan de raad gestuurd.
**3..** De raad kan de rekenkamercommissie een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek. De rekenkamercommissie bericht de raad binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de raad voldoet, zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren.
Artikel 10
Onderwerpselectie en opdrachtverlening
Onderdeel van Verordening op de Rekenkamercommissie