**1..** Het college kan een subsidieontvanger de mogelijkheid geven om een eigen vermogen te vormen en voorzieningen te treffen voor bestemmingen die passen binnen de doelen van de subsidieverlening.
**2..** Het college kan het toegestane eigen vermogen en de voorzieningen bepalen aan de hand van een door de subsidieontvanger in te dienen plan.
**3..** De subsidieontvanger van een jaarlijkse subsidie of een eenmalige subsidie voor meerdere jaren, mag aan het einde van een subsidiejaar beschikken over een algemene reserve van maximaal 10% van de goedgekeurde jaarlijkse lasten. In bijzondere gevallen kan het college hiervan afwijken.
**4..** Als het eigen vermogen, de reserves en/of voorzieningen van de subsidieontvanger meer bedraagt dan redelijkerwijs voor het uitvoeren van gesubsidieerde activiteiten noodzakelijk is, kan het college de subsidie lager verlenen of vaststellen.
**5..** Het is zonder goedkeuring door het college niet toegestaan vermogensbestanddelen over te brengen naar steunstichtingen.
**6..** De subsidieontvanger is, voor zover het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, daarvoor in de volgende gevallen een vergoeding verschuldigd aan de gemeente:
als de subsidieontvanger een schadevergoeding ontvangt voor verlies of beschadiging van voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen;
als de gesubsidieerde activiteiten geheel of gedeeltelijk worden beëindigd;
als de subsidieverlening of de subsidievaststelling wordt ingetrokken;
als de subsidie wordt beëindigd;
als de rechtspersoon die subsidie ontvangt wordt ontbonden.
**7..** Het college bepaalt de hoogte van de in lid 6 bedoelde vergoeding. Ingeval van ontbinding van de rechtspersoon die de subsidie ontvangt, vervalt het batig saldo van de liquidatierekening - gelimiteerd tot het bedrag dat opgebouwd is met (behulp van) gemeentelijke subsidie - aan de gemeente.
HOOFDSTUK 8.
Artikel 24.
Eigen vermogen en voorzieningen
Onderdeel van Algemene subsidieverordening De Bilt 2012