Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 4.

Verlagen norm gezin

Onderdeel van Toeslagenverordening WWB 2012 RSD

1.. De verlaging zoals bedoeld in artikel 26 WWB bedraagt 10 procent van de gezinsnorm voor belanghebbenden die met één ander die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft, of met één ander echtpaar dat in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft en de noodzakelijke kosten van het bestaan kunnen delen. b.15 procent van de gezinsnorm voor belanghebbenden die met meer dan één persoon of echtpaar die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft als de hoofdbewoner, en met wie de noodzakelijke kosten van het bestaan kunnen worden gedeeld. 2.. Van het niet kunnen delen van de noodzakelijke kosten van het bestaan is in ieder geval sprake, indien de woning wordt bewoond met uitsluitend: een meerderjarig kind dat aanspraak kan maken op studiefinanciering op grond van de Wet Studiefinanciëring 2000 dan wel een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; een bloedverwant in de eerste graad waarbij toepassing wordt gegeven aan artikel 4, lid 5, van de wet vanwege zorg tussen die bloedverwant en een van de resterende leden van het gezin;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel