Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 10.

Indeling in categorieën

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstand

Gedragingen van de belanghebbende inhoudende het niet of onvoldoende nakomen van de verplichting op grond van artikel 9, 43 en 44a van de Wwb, artikel 37 van de Ioaw en Ioaz worden onderscheiden in vijf categorieën: Eerste categorie: Bij de volgende gedragingen wordt een maatregel toegepast ter hoogte van 5% op de · bijstandsnorm of grondslag gedurende een maand: het zich niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij het UWV of het niet tijdig laten verlengen van deze registratie; Tweede categorie: Bij de volgende gedragingen wordt een maatregel toegepast ter hoogte van 10% op de bijstandsnorm of grondslag gedurende een maand: het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen; het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot inschakeling in de arbeid, of participatie, dan wel aan een onderzoek naar de geschiktheid voor scholing, opleiding of deelname aan uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs. Derde categorie: Bij de volgende gedragingen wordt een maatregel toegepast ter hoogte van 20% op de bijstandsnorm of grondslag gedurende een maand: gedragingen die de inschakeling in de arbeid, participatie of deelname aan uit ‘s Rijks kas bekostigd onderwijs belemmeren; het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een voor de inschakeling in de arbeid noodzakelijk geachte scholing of opleiding, of aan andere aangewezen activiteiten die de zelfstandige bestaansvoorziening, participatie of deelname aan uit s Rijks kas bekostigd onderwijs bevorderen; het niet of in onvoldoende mate nakomen van de verplichting tot gebruikmaken van aangeboden re-integratievoorzieningen, waaronder begrepen het niet of onvoldoende meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling, scholing, participatie of deelname aan uit s Rijks kas bekostigd onderwijs, voor zover dit heeft geleid tot het geen doorgang vinden of voor voortijdige beëindiging van het re-integratietraject; indien het bestuur de ontheffing wegens artikel 9a, lid 1 Wwb, artikel 38, lid 1 Ioaw en Ioaz heeft ingetrokken, aangezien uit houding en gedragingen van de alleenstaande ouder ondubbelzinnig blijkt dat hij zijn verplichtingen, bedoeld in artikel 9, lid 1, onderdeel b Wwb, artikel 37, lid 1 onderdeel e Ioaw en Ioaz niet wil nakomen; De maatregel wordt niet opgelegd, indien overeenkomstig de laatste volzin van artikel 9a, lid 12 Wwb en artikel 38 lid 12 Ioaw en Ioaz elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; het onvoldoende meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a van de Wwb; indien overeenkomstig artikel 43, lid 4 en 5 van de Wwb bij de vaststelling van het recht op algemene bijstand de houding en gedragingen daar aanleiding toe geven. Vierde categorie: Bij de volgende gedragingen wordt een maatregel toegepast ter hoogte van 100% op de bijstandsnorm of grondslag gedurende een maand: het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid; Vijfde categorie: Bij de volgende gedragingen wordt een maatregel toegepast ter hoogte van een nader te bepalen percentage op de bijstandsnorm of grondslag gedurende een nader te bepalen periode. het niet naar vermogen door het bestuur opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden verrichten die worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel