Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 3

Artikel 4.11

Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen met gevolgen voor de bijstand

Onderdeel van Verordening werk en bijstand

1.. Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 van de wet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand, wordt de verlaging afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag. 2.. De verlaging wordt op de volgende wijze vastgesteld: bij een benadelingbedrag tot € 1.000,-: 10% van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingbedrag van € 1.000,- tot € 2.000,-: 20% van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingbedrag van € 2.000,- tot € 4.000,-: 40% van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingbedrag van € 4.000,- of meer: 100% van de bijstandsnorm gedurende een maand. 3.. Indien de verlaging genoemd in lid 2 niet of niet volledig opgelegd kan worden, dan wordt deze verlaging toegepast op het toekomstig recht op bijstand. 4.. Indien de verlaging genoemd in lid 3 niet binnen een termijn van vijf jaar nadat het besluit tot het opleggen van de maatregel is genomen kan worden opgelegd, komt de maatregel te vervallen.

Rechtspraak bij dit artikel