**1..** Indien de uitkeringsgerechtigde na de recidive bedoeld in artikel 4.3 van deze verordening, volhardt in de gedraging, kan de bijstand voor onbepaalde tijd verlaagd worden. Er dient dan telkens na uiterlijk 3 maanden een schriftelijke heroverweging van de verlaging plaats te vinden.
**2..** Wanneer er ingevolge dit hoofdstuk een verlaging van de bijstand plaatsvindt gedurende een langere periode dan drie maanden, dient elke drie maanden te worden nagegaan of de hoogte en de duur van de verlaging op basis van de omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde dienen te worden aangepast.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 1
Artikel 4.4
Volharding en heroverweging
Onderdeel van Verordening werk en bijstand