Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 1

Artikel 2.1a

Verstoring van de openbare orde e.d.

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Kaag en Braassem 2012, eerste wijziging

1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 424, 426 bis en 431 van het Wetboek van Strafrecht is het verboden op of aan een openbare plaats, op enigerlei wijze: a. de orde te verstoren; b. zich hinderlijk te gedragen; c. personen lastig te vallen; d. te vechten; e. deel te nemen aan een samenscholing; f. onnodig op te dringen; of g. door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot wanordelijkheden. 2. Het is verboden om in het geval van wanordelijkheden of indien er ernstig gevaar voor het ontstaan daarvan dreigt, op de in het eerste lid genoemde plaatsen een voorwerp of stof kennelijk meegebracht om die orde te verstoren, bij zich te hebben. 3. Het is verboden zich te begeven of te bevinden op terreinen of openbare plaatsen, wanneer deze door of vanwege het bevoegd gezag in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van wanordelijkheden zijn afgezet. 4. Het is verboden een voorwerp dat ter afzetting of afsluiting van een gedeelte van de weg of vanwege het bevoegde gezag is aangebracht, te verplaatsen, te verwijderen of omver te halen.

Rechtspraak bij dit artikel