Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Waarneming bij afwezigheid/vervanging

Onderdeel van Ondermandaat dienst wijken 2010

1.In geval van verhindering of ontstentenis van de directeur komt het aan hem verleende mandaat toe aan een door hem aan te wijzen sectorhoofd of directeur van een andere dienst. In beginsel geldt de volgende vervangingsregeling: Functionaris Waarnemer/vervanger 1.voor de directeur: het hoofd Wijkmanagement is plaatsvervangend directeur. 2.voor het hoofd Wijkmanagement: het hoofd Realisatie & Beheer; is deze afwezig, dan treedt de directeur op als vervanger. 3.voor het hoofd Realisatie & Beheer: het hoofd Wijkmanagement; is deze afwezig, dan treedt de directeur op als vervanger. 4.voor het hoofd Ruimte & Milieu: het hoofd Maatschappelijke Ontwikkeling; is deze afwezig, dan treedt de directeur op als vervanger. 5.voor het hoofd Maatschappelijke Ontwikkeling: het hoofd Ruimte & Milieu: is deze afwezig dan treedt de directeur op als vervanger. 6.voor het hoofd Handhaving: het hoofd Maatschappelijke Ontwikkeling; is deze afwezig, dan treedt de directeur op als vervanger. Het in artikel 1 verleende ondermandaat komt in geval van verhindering of ontstentenis van de ondergemandateerde tevens toe aan diens naasthogere in de lijn alsmede - in voornoemde omstandigheden- kunnen binnen een sector leidinggevenden elkaar in voornoemde omstandigheden vervangen met toestemming van het sectorhoofd of de directeur. Degene die een andere functie waarneemt heeft op dat moment de bevoegdheden die aan die functie zijn verbondenen is, alleen in geval van waarneming bevoegd om over de budgetten van deze functionaris te beschikken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel