Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van VERORDENING WACHTLIJSTBEHEER SOCIALE WERKVOORZIENING

1.. Indien er vanuit de taakstelling ruimte is voor instroom, zal jaarlijks de volgende instroomverdeling worden toegepast, waarbij binnen elke groep voorrang zal worden gegeven aan sw- geïndiceerden die meegedaan hebben aan een voortraject Instroom. begeleid werken 40% naadloze aansluiting 5% schoolverlaters met een sw-indicatie 20 % overige doelgroep 35% 2.. Voor plaatsing in een dienstbetrekking als bedoeld in lid 1 sub a en b is de koppeling tussen de capaciteiten en de mogelijkheden van de belanghebbende sw-geïndiceerde enerzijds en het werkaanbod anderzijds uitgangspunt. Bij gelijke geschiktheid heeft degene die het langst wacht voorrang. 3.. Indien het percentage van instroom in lid 1 sub a, b en c niet gehaald kan worden, doordat daarvoor niet voldoende mensen in aanmerking komen, dan wel daarvoor niet voldoende werk te vinden is, dan wordt de instroom aangevuld vanuit lid 1 sub d. 4.. Voor plaatsing in een dienstbetrekking vanuit lid 1 sub d, geldt de volgorde van de plaatsing op de wachtlijst.

Rechtspraak bij dit artikel