1 Aan de wethouder wordt voor de uitoefening van zijn ambt op aanvraag
een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking gesteld.
2De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met de
gemeente.
3 Het college van burgemeester en wethouders stelt het model van de
bruikleenovereenkomst vast.
4 Op de bezoldiging van de wethouder wordt voor een beperkt
privé-gebruik van de mobiele telefoon, dat wil zeggen voor minder dan €
454,-- op jaarbasis, een bedrag ingehouden dat gelijk is aan de helft
van het fiscale heffingsbedrag voor verstrekking van de mobiele
telefoon.
5 Op aanvraag komen de kosten van installatie en inbouw van een gangbare
car-kit maximaal eens per drie kalenderjaren voor rekening van de
gemeente.
Hoofdstuk III
Artikel 30
Mobiele telefoon
Onderdeel van Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden