In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne beheersing:
De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd in artikel 15 en 16 van dit statuut;
Bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk vastgelegd;
Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden;
iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (vier ogen principe);
de uitvoering en de controle geschiedt door afzonderlijke functionarissen;
de uitvoering en de registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen;
Tegenpartijen wordt opdracht gegeven de bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties;
Hoofdstuk V
Artikel 14
Uitgangspunten administratieve organisatie en interne beheersing
Onderdeel van Treasurystatuut 2011