De toepassing van de artikelen 4 tot en met 9 geschiedt zodanig, dat de toepasselijke norm voor de jongere(n) tenminste bedraagt:
50 procent van de gehuwdennorm voor een alleenstaande
70 procent van de gehuwdennorm voor een alleenstaande ouder
80 procent van de gehuwdennorm voor gehuwden