Indien de toegang van een gebouw meer dan 10 meter is
verwijderd van een openbare weg, moet een verbindingsweg
tussen die toegang en het openbare wegennet aanwezig zijn
die geschikt is voor verhuisauto's, vuilnisauto's,
ziekenauto's, brandweerauto's en het overige te verwachten
verkeer, tenzij de aard, de ligging en het gebruik van het
gebouw zulks niet vereisen.
Een geschikte verbindingsweg in de zin van het eerste lid
moet, tenzij de gemeenteraad voor de desbetreffende weg in
een bestemmingsplan of in een verordening of anderszins
voorschriften heeft vastgesteld:
een breedte hebben van ten minste 4,5 m, over een
breedte van ten minste 3,25 m zijn verhard en een
vrije hoogte boven de kruin van de weg hebben van
ten minste 4,2 m;
zijn verhard op een wijze die geschikt is voor
motorvoertuigen met een massa van ten minste 14.600
kg en zijn voorzien van de nodige kunstwerken; en
op doeltreffende wijze kunnen afwateren.
Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op een
bijgebouw, voor het bouwen waarvan op grond van artikel 2,
onderdeel 3, of artikel 3, onderdeel 1, van bijlage II bij
het Besluit omgevingsrecht geen vergunning is vereist,
voorzover dit niet voor bewoning is bestemd, maar wel tot
een hoofdgebouw behoort dat op hetzelfde terrein is gelegen.
Nabij ieder gebouw moeten zodanige opstelplaatsen voor
brandweerauto's aanwezig zijn, dat een doeltreffende
verbinding tussen die auto's en de bluswatervoorziening kan
worden gelegd, tenzij de aard, de ligging en het gebruik van
het gebouw zulks niet vereisen.
Bij afwezigheid van een toereikende openbare
bluswatervoorziening moet worden zorg gedragen voor een
doeltreffende niet-openbare bluswatervoorziening.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 1
Artikel 5.1.2
Bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer. Brandblusvoorzieningen
Onderdeel van Bouwverordening gemeente Beuningen 2007