Onderdelen A
De onderdelen A en B zijn reeds toegelicht in het algemene deel.
Onderdeel B, C, D en E
De wetswijziging creëert enkele nieuwe wettelijke verplichtingen:
de verplichting gebruik te maken van een door het college aangeboden voorziening, waaronder begrepen sociale activering, gericht op arbeidsinschakeling, alsmede mee te werken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling en, indien van toepassing, mee te werken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a;
de verplichting om naar vermogen opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten (tegenprestatie naar vermogen);
de verplichting voor jongeren om een aanvraag niet eerder in te dienen dan vier weken na melding;
de verplichting om gedurende deze ‘wachttijd’ te zoeken naar mogelijkheden voor werk of scholing.
Om gedragingen die een schending vormen van deze verplichtingen te kunnen sanctioneren, is het noodzakelijk om deze in de Maatregelenverordening WWB te benoemen. Voor het zoeken van scholing geldt dit nog niet, die verplichting treedt pas 1 juli 2012 in werking. Voor de duidelijkheid is in onderdeel B opgenomen dat het niet meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak wordt aangemerkt als een gedraging die de arbeids-inschakeling belemmert.
De plicht tot arbeidsinschakeling geldt vanaf datum melding (zie artikel 9 lid 1 WWB). Specifiek voor personen jonger dan 27 jaar geldt dat zii worden beoordeeld op hun inspanningen in de eerste vier weken na de melding (artikel 43 lid 4 en 5 WWB). Is geen enkele inspanning verricht en als uit de houding en gedragingen ondubbelzinnig blijkt dat hij de verplichtingen als bedoeld in artiekl 9, eerste lid of artikel 55 niet wil nakomen, dan bestaat op grond van artikel 13 lid 2 onderdeel d WWB geen recht op bijstand.
Bljkt uit de houding van de jongeren dat ondanks dat er geen enkele inspanning is verricht, maar wel de wil is om dit alsnog te doen, dan is een maatregel van 100% gedurende een maand van toepassing.
Zijn er wel inspanningen verricht, maar naar het oordeel van de RSD onvoldoende, dan wordt een maatregel van 20% opgelegd.
Artikel II.
De Maatregelenverordening WWB
Onderdeel van Besluit tijdelijke regels Aanscherping Wet werk en bijstand