**1..** De in artikel 23 genoemde gedenktekens of beplanting worden geacht voor rekening en risico van de rechthebbende te zijn aangebracht;
**2..** Schade als gevolg van brand, vorst, wateroverlast, bliksem, ontploffing, molest, vandalisme en/of andere van buiten komende oorzaken of schade ontstaan door het weghalen en terugplaatsen van monumenten, grafstenen, zerken of andere gedenktekens of andere beplanting ten behoeve van een bijzetting op opgraving en eventuele gevolgschade voor derden, is voor rekening en risico van de rechthebbende;
**3..** De rechthebbende of de gebruiker is verplicht de, door welke omstandigheden ook, daaraan toegebrachte schade op eerste aanschrijven te herstellen, indien de beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt;
**4..** Indien binnen 3 maanden na de dag van de aanschrijving geen herstel of vernieuwing plaatsgevonden, is het college bevoegd tot verwijdering of vernietiging van de gedenktekens of beplanting over te gaan, waarbij geldt dat zij voor deze handeling niet aansprakelijk kan worden gesteld;
**5..** Indien door een ondeugdelijk geworden constructie naar het oordeel van de beheerder een situatie is ontstaan, die gevaar oplevert voor het omvallen of inzakken van een grafmonument, kan het college direct maatregelen treffen.
Hoofdstuk 6.
Artikel 28.
Aansprakelijkheid
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen voor de gemeente Sittard-Geleen, 2012