De voorzitter draagt er zorg voor, dat de leden van de commissie ten minste 10 dagen voor een commissievergadering een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering ter beschikking hebben.
De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 86. eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep beschikbaar gesteld.
Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 12, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden gezonden.