Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VIl

Artikel 20

Artikel 20

Onderdeel van Verordening regelende de algemene bepalingen en voorwaarden voor subsidies

1.. Het subsidie kan door burgemeester en wethouders geheel of gedeeltelijk geweigerd worden, indien: a.. een instelling niet voldoet aan het bepaalde in of krachtens deze verordening: b.. hiermee het maximaal beschikbare bedrag in het subsidieplafond wordt overschreden; de activiteiten van een instelling niet passen binnen de beleidsdoelstellingen zoals opgenomen in specifieke gemeentelijke beleidsnota’s en/of het programma; een instelling ook zonder subsidie over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken; het activiteiten betreft waarvan de uitvoering naar het oordeel van burgemeester en wethouders tot de taak van de gemeente zelf behoort. 2.. Het subsidie kan voorts worden geweigerd indien de verwachting gerechtvaardigd is dat: a.. de activiteiten niet of niet geheel zullen plaatsvinden; b.. een instelling niet zal voldoen aan de aan het subsidie verbonden verplichtingen; c.. een instelling niet op een behoorlijke wijze rekening en verantwoording zal afleggen omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van het subsidie van belang kunnen zijn; d.. de activiteiten (mede) tot doel hebben de godsdienstige, levensbeschouwelijke of politieke identiteit van de instelling in stand te houden of te bevorderen; e.. een zodanige werkwijze wordt toegepast, dat redelijkerwijze niet kan worden verwacht dat de te omschrijven doelstelling(en) van de activiteiten en de met de activiteiten te bereiken doelgroep(en) kunnen worden bereikt; f.. met inbegrip van de te verlenen subsidie, onvoldoende financiële middelen ter beschikking zullen staan om die doelstelling(en) te verwezenlijken; g.. de activiteiten niet in het belang van de plaatselijke gemeenschap zijn en/of de plaatselijke gemeenschap daaraan geen behoefte heeft. 3.. Het subsidie kan ook worden geweigerd indien een instelling: a.. in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag heeft geleid, of; b.. op het moment van subsidieverlening failliet is verklaard of surséance van betaling is verleend, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend; c.. de activiteiten onvoldoende afstemt op die van soortgelijke instellingen en onvoldoende met dergelijke instellingen samenwerkt; d.. activiteiten laat plaatsvinden in een ruimtelijke voorziening die: -. onvoldoende voor de betreffende activiteiten geschikt is; -. waarvan de openingstijden onvoldoende worden afgestemd op de wensen en behoeften van de doelgroep.

Rechtspraak bij dit artikel