**1..** Tenzij dit bij de subsidieverlening anders is bepaald, behoeft een instelling van burgemeester en wethouders de toestemming voor:
**a..** het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon;
**b..** het wijzigen van de statuten;
**c..** het in eigendom verwerven, het vervreemden of het bezwaren van registergoederen, indien zij mede zijn verworven met subsidiegelden dan wel de lasten daarvoor mede worden bekostigd uit de subsidiegelden;
**d..** het aangaan en beëindigen van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen of tot huur, verhuur of pacht daarvan, indien deze goederen geheel of gedeeltelijk zijn verworven met subsidie dan wel de uitgaven daarvoor mede zijn bekostigd uit het subsidie;
**e..** het aanstellen en inschalen van beroepskrachten welke (mede) bekostigd worden met subsidie;
**f..** het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten van geldleningen;
**g..** het aangaan van overeenkomsten waarbij een instelling zich verbindt tot zekerheidsstelling met inbegrip van zekerheidsstelling voor schulden van derden waarbij zij zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt;
**h..** het doen van schenkingen;
**i..** het vaststellen of wijzigen van tarieven voor de door de instelling in de gewone uitoefening van haar gesubsidieerde activiteiten te verrichten prestaties;
**j..** het ontbinden van de rechtspersoon;
**k..** het doen van aangifte tot haar faillissement of het aanvragen van haar surséance van betaling;
**2..** Burgemeester en wethouders beslissen binnen acht weken na ontvangst van het verzoek van de instelling omtrent de toestemming.
**3..** Indien op het verzoek om toestemming niet tijdig is beslist wordt de toestemming geacht te zijn verleend.
Hoofdstuk XI
Artikel 36
Artikel 36
Onderdeel van Verordening regelende de algemene bepalingen en voorwaarden voor subsidies