Burgemeester en Wethouders stemmen slechts in met het verzoek bedoeld in artikel 32, tweede lid, mits:
de woning, de standplaats of de woonwagen ten behoeve waarvan geldelijke steun is verleend wordt bewoond door de eigenaar;
de eigenaar of diens erfgenaam over het jaar dat voorafgaat aan het tijdstip waarop de geldelijke steun is verleend vermogensbelasting in de zin van de Wet op de vermogensbelasting 1964 (Staatsblad 520) verschuldigd is, dan wel geen gemeenschappelijke huishouding voert met een persoon die krachtens die wet vermogensbelasting verschuldigd is.
de som der inkomens, bepaald volgens bijlage VI bij het Besluit, bij uitbetaling van de geldelijke steun als jaarlijkse bijdrage gedurende de gehele uitbetalingsduur niet meer bedraagt dan het bij het Besluit bepaalde maximum.
HOOFDSTUK 3: › Paragraaf 2:
Artikel 61:
Artikel 61:
Onderdeel van Verordening Woninggebonden subsidies