Naar hoofdinhoud
Verstrekking als PGB vindt niet plaats indien: a.. op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstige vermoeden bestaat dat belanghebbende problemen zal hebben bij het omgaan met een PGB; b.. aan belanghebbende eerder een PGB is verleend op grond van de verordening en belanghebbende zich niet gehouden heeft aan de bij de verlening van dat eerdere PGB opgelegde verplichtingen; c.. op grond van aanwijzingen, die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden, het ernstige vermoeden bestaat dat belanghebbende het PGB om financiële redenen niet kan aanwenden voor de aanschaf/inzet van de voorziening; d.. belanghebbende een zodanig progressief ziektebeeld heeft dat in geval van natura-verstrekking de voorziening niet in bruikleen maar in natura wordt verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel