Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 3.

Artikel 9.

Aanpassingen van woonwagens en woonschepen

Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2012

1.. Er wordt slechts een persoonsgebonden budget in de aanpassingskosten van een woonwagen verstrekt als: de technische levensduur van de woonwagen nog minimaal 5 jaar is; de standplaats niet binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt; de woonwagen ten tijde van de indiening van de aanvraag voor een woonvoorziening bij de gemeente op de standplaats stond; en de hoofdbewoner van een woonwagen in het bezit is van een bewoningsvergunning als bedoeld in de Woningwet. 2.. Er wordt slechts een persoonsgebonden budget in de aanpassingskosten van een woonschip verstrekt als: de technische levensduur van het woonschip nog minimaal vijf jaar is; het woonschip nog minimaal vijf jaar op de ligplaats mag blijven liggen; 3.. Als de technische levensduur van de woonwagen of het woonschip minder dan vijf jaar is of de standplaats van de woonwagen binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt of het woonschip niet tenminste nog vijf jaar op de ligplaats mag liggen, kan in uitzondering op lid 1 en 2 toch een persoonsgebonden budget verstrekt worden. De maximale aanpassingskosten mogen dan niet meer bedragen dan € 1.000,-.

Rechtspraak bij dit artikel