Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 7

Ingangsdatum en tijdvak

Onderdeel van Verordening afstemming en handhaving 2012 gemeente De Ronde Venen

1.. De maatregel wordt opgelegd met ingang van de eerst volgende kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot maatregel aan de belanghebbende is kenbaar gemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende norm. 2.. In afwijking van lid 1 kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover uitbetaling nog niet heeft plaatsgevonden. 3.. In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, indien de inlichtingenplicht niet is nagekomen en de uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend. 4.. In afwijking van het eerste lid kan, voor zover het zelfstandigen betreft die een uitkering voor het levensonderhoud in de vorm van een geldlening op grond van het Bbz hebben ontvangen, de verlaging met terugwerkende kracht worden betrokken bij de definitieve vaststelling van die bijstand. 5.. Een maatregel wordt voor bepaalde tijd en met een maximale duur van 3 maanden opgelegd. Een maatregel die voor een periode van drie maanden wordt opgelegd, wordt maandelijks heroverwogen. 6.. Een opgelegde maatregel die niet kan worden uitgevoerd omdat de uitkering van belanghebbende is beëindigd, herleeft indien belanghebbende binnen 12 maanden opnieuw een beroep doet op een uitkering of bijstand.

Rechtspraak bij dit artikel