Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.3

Omvang van de vervoersvoorziening

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Emmen 2010

Bij het bepalen van de omvang van de individuele vervoersvoorziening zoals genoemd in artikel 5.2 lid 1 onder b tot en met j, kan rekening worden gehouden met: de individuele vervoersbehoefte van de persoon met beperkingen; de mate waarin de voorziening genoemd in artikel 5.2 lid 1 onder a in de individuele vervoersbehoefte kan voorzien; en de vervoersbehoeften van echtgenoten of daarmee gelijkgestelden samenvallen. Bij het bepalen van de omvang van de individuele vervoersbehoefte wordt rekening gehouden met de verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving in het kader van het leven van alledag, tenzij zich een uitzonderingssituatie voordoet waarbij het gaat om een bovenregionaal contact, dat uitsluitend door de persoon met beperkingen zelf bezocht kan worden, terwijl het bezoek voor de persoon met beperkingen noodzakelijk is om dreigende vereenzaming te voorkomen, dit voor zover vervoer per Valys niet adequaat is. De te verlenen vervoersvoorziening zoals bedoeld in artikel 5.2 lid 1 onder b, c, d en f zal ten minste een omvang hebben van 1500 kilometer per jaar met een bandbreedte tot 2000 kilometer per jaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel