Burgemeester en wethouders kunnen binnen de bebouwde kom ontheffing verlenen voor een uitbreiding van, of een bijgebouw bij, een woongebouw, mits het aantal woningen gelijk blijft (geen woningsplitsing of vermeerdering van het aantal zelfstandige woningen in het woongebouw) en onder de volgende stedenbouwkundige randvoorwaarden:
Een uitbreiding vóór de voorgevel:
de diepte van de uitbreiding mag maximaal l,50m bedragen;
de uitbreiding mag slechts één bouwlaag omvatten;
de breedte van de uitbreiding mag ten hoogste 2/3 van de voorgevelbreedte van de woning
bedragen.
Beleidsregels art. 3.23 Wro
Een uitbreiding tegen de zijgevel:
de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens moet minimaal lm bedragen;
de uitbreiding mag maximaal twee bouwlagen omvatten;
de uitbreiding mag niet tot gevolg hebben dat het bouwperceel voor meer dan 50% wordt
bebouwd;
de onder a. genoemde minimale afstandsmaat geldt niet voor een uitbreiding in de vorm van een
overkapping (carport), welke tot in de zijdelingse perceelsgrens mag worden geplaatst mits de
afstand van de overkapping tot de voorgevel tenminste lm bedraagt.
Een uitbreiding aan de achtergevel:
de uitbreiding mag maximaal twee bouwlagen omvatten;
de uitbreiding mag niet tot gevolg hebben dat het bouwperceel voor meer dan 50% wordt
bebouwd.
Een vrijstaand bijgebouw op een zij- of achtererf:
de oppervlakte van het vrijstaande bijgebouw mag maximaal 75m2 bedragen;
de goothoogte mag maximaal 3m en de nokhoogte mag maximaal 5,50m bedragen;
de afstand tot de voorgevel dient tenminste 3 meter te bedragen;
het bouwperceel mag niet voor meer dan 50% worden bebouwd.
B. Burgemeester en wethouders kunnen buiten de bebouwde kom ontheffing verlenen voor een uitbreiding van, of een bijgebouw bij, een woongebouw onder de volgende randvoorwaarden:
Uitbreiding van.een.burgerwoning:
een uitbreiding van een woongebouw tot een bruto-inhoud van maximaal 750m3 is aanvaardbaar,
waarbij een uitbreiding tevens onderdeel kan uitmaken van (vervangende) nieuwbouw van een
woongebouw;
Uitbreiding van een vrijstaand b.ij_gebouw of .rüeuwbouw van een vrij staand bijgebouw bij. een
woongebouw:
(i) de bouw van of een uitbreiding van een vrijstaand bijgebouw is aanvaardbaar tot een maximale
gezamenlijke oppervlakte aan vrijstaande bijgebouwen van 100m2;
(ii) de afstand van een vrijstaand bijgebouw tot het woongebouw mag niet meer bedragen dan
25m, dan wel mag een vrijstaand bijgebouw op niet meer dan lOm van een bestaand, met
bouwvergunning geplaatst ander vrijstaand bijgebouw worden opgericht.
Artikel 4
Uitbreiding van of een bijgebouw bij een woongebouw
Onderdeel van Beleidsregels voor de toepassing van art. 3.23 van de Wet ruimtelijke ordening