Naar hoofdinhoud

Artikel 1:

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Bomenverordening 2012 gemeente Voerendaal

In deze afdeling wordt verstaan onder: boom: een houtig opgaand gewas zowel levend als afgestorven met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 10 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam. houtopstand: één of meer bomen of boomvormers, of andere houtachtigegewassen, mogelijk onderdeel uitmakend van een boomstructuur. boomstructuur: lijnvormige beplanting van houtopstanden dat een functioneelgeheel vormt. beschermde houtopstand: een houtopstand dat is vastgelegd op de Kaart beschermde houtopstanden Gemeente Voerendaal, behorende bij de “Bomenerfgoedlijst” en “Landschappelijke beplantingenlijst”. Kaart beschermde houtopstanden Gemeente Voerendaal: topografische kaart met daarop aangegeven boomstructuren en solitaire bomen of boomgroepen, metbijbehorend register. vellen: rooien; kappen; verplanten; het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen; het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood, de ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de houtopstand ten gevolge kunnen hebben. boomwaarde: de monetaire waarde van een boom zoals getaxeerd volgensde meest recente richtlijnen van Nederlandse Vereniging vanTaxateurs van Bomen. Bomen Effect Analyse: een standaard beoordeling van de gevolgen van voorgenomenbouw of aanleg voor een boom, op basis van landelijke richtlijnen van de Bomenstichting. bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wetalgemene bepalingen omgevingsrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel