De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de lasten en baten per programma en de algemene dekkingsmiddelen.
Bij de begrotingsbehandeling autoriseert de raad de nieuwe investeringen met het vaststellen van de financiële positie. De raad geeft aan voor welke investering de raad wel krediet wil reserveren maar de autorisatie uit wil stellen in afwachting van een raadsvoorstel.
Het college is bevoegd het incidentele bedrag voor onvoorzien aan te wenden voor onvoorziene omstandigheden, die betrekking hebben op het lopende begrotingsjaar. Structurele effecten worden voorgesteld in de eerstvolgende ontwerpbegroting of in een raadsvoorstel.
Het college kan bij besluit de lasten en baten van de programma’s aanpassen, als het gebruik maakt van het bepaalde in lid 3. Het college informeert de raad hierover bij de jaarstukken.
Voor investeringen die niet in de begroting zijn opgenomen, legt het college, voordat verplichtingen worden aangegaan, een investeringsvoorstel en een voorstel tot autorisatie van het investeringskrediet ter besluitvorming aan de raad voor.
Bestemming van het resultaat en verzoeken tot budgetoverhevelingen worden bij apart raadsvoorstel gedaan.
Artikel 5.
Autorisatie begroting, investeringskredieten en begrotingswijzigingen
Onderdeel van Financiële verordening Opsterland 2012