Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Het afstemmen van bijstand

Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB

In dit artikel is bepaald dat de bijstand en de daaraan verbonden verplichtingen moeten worden afgestemd op de omstandigheden, mogelijkheden en middelen van de belanghebbende. Het individualiseringsbeginsel staat dus centraal. Wanneer het college constateert dat de belanghebbende zich niet aan de uit de wet voortvloeiende verplichting (inclusief die aan hem door het college in de beschikking zijn opgelegd) houdt of anderszins onvoldoende besef van verantwoordelijkheid toont, kan hij de bijstand verlagen. Dit houdt ook in dat als betrokkene aan het college geen juiste informatie heeft verstrekt die van belang is voor het recht op uitkering, het college de uitkering lager kan vaststellen. De inlichtingenverplichting zoals die wordt neergelegd in artikel 17 WWB, artikel 13 IOAW en artikel 13 IOAZ heeft zowel betrekking op de arbeidsinschakeling als het recht op bijstand. Verstrekt de belanghebbende niet of niet alle gevraagde inlichtingen en bewijsstukken, dan heeft dat gevolgen voor de beoordeling van het recht op bijstand of ondersteuning bij arbeidsinschakeling. HOOFDSTUK II AFSTEMMEN

Rechtspraak bij dit artikel