Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Artikel 5.

Onderdeel van ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING Gemeente Bunnik 2008

1.. Subsidiëring van activiteiten vindt slechts plaats voor zover deze naar de mening van het college in voldoende mate van een direct aanwijsbaar belang voor de gemeente en / of haar inwoners zijn, en die op basis van de beleidsregels als subsidiabel worden aangemerkt. 2.. Niet subsidiabel zijn in ieder geval activiteiten die partijpolitiek, godsdienstig en / of levensbeschouwelijk van aard zijn, voortvloeien vanuit partijpolitieke, godsdienstige en / of levensbeschouwelijke motieven dan wel een vorming en / of een verspreiding ter zake tot doel hebben. 3.. Subsidiëring van activiteiten vindt in ieder geval niet plaats indien de instelling zelf in de kosten daarvan kan voorzien, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden of een combinatie daarvan. 4.. Ten aanzien van subsidies van zowel structurele als incidentele aard worden jaarlijks door de raad, aansluitend aan de vaststelling van de begroting, per functie / product subsidieplafonds vastgesteld. 5.. Het niet volledig compenseren van loon- en prijsontwikkelingen, op de totstandkoming waarvan de gemeente geen directe invloed heeft, wordt niet beschouwd als vermindering van subsidie. 6.. Artikel 4:24 van de wet is niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel