In deze afdeling wordt verstaan onder:
inrichting: een voor het publiek toegankelijke ruimt waarin bedrijfsmatig, in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was of anders dan om niet, handelingen en werkzaamheden worden verricht die verband houden met dan wel inherent zijn aan het exploiteren van hetgeen in het maatschappelijk verkeer wordt aangeduid als een grow-, smart- of headshop;
exploitant: de natuurlijke persoon of vertegenwoordiger van een rechtspersoon die een inrichting exploiteert.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 15.
Artikel 2:78
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening