In deze verordening wordt verstaan onder:
- begraafplaats: de algemene begraafplaats te Bunnik (Provincialeweg 63 )
- wet: de Wet op de lijkbezorging
- directeur: de directeur Gemeentewerken
- personeel: de door burgemeester en wethouders ten behoeve van de algemene begraafplaats aangewezen personeelsleden
- recht: het uitsluitend recht tot begraven in een bepaalde grafruimte
- rechthebbende: degene, aan wie het hiervoor bedoelde recht is verleend of die dat recht door overschrijving heeft verkregen
- eigen graf: grafruimte ten aanzien waarvan het recht is verleend voor de tijd van 30 jaren, behoudens verlenging, plaats biedende aan tenminste twee stoffelijke overschotten
- algemeen graf: grafruimte, bestaande uit twee lagen, ten aanzien waarvan de gemeente per laag bepaalt wie erin begraven wordt; stoffelijke overschotten blijven hierin gedurende 20 jaar begraven
- gebruiker: degene die een stoffelijk overschot heeft laten begraven in een algemeen graf
- grafkelder: bouwwerk in de grond, waarin stoffelijke overschotten kunnen worden bijgezet
- gedenkteken: een gedenksteen, grafbeplanting of anderszins als bedoeld in artikel 21 van de wet, welke op het graf is of wordt aangebracht
- vergunninghouder:de houder van een vergunning tot het hebben en aanbrengen van een gedenkteken
- heffingsverordening: Verordening regelende de heffing en invordering van rechten voor het gebruik der Algemene Begraafplaats van de gemeente Bunnik.
Onder begraven wordt in deze verordening mede verstaan het bijzetten van urnen.
BEHEER
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verordening op het gebruik en het beheer van de Algemene Begraafplaats van de gemeente Bunnik