Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 7

Weging van het gedrag

Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW en IOAZ 2013

Het college kan de maatregel, gelet op de mogelijkheden van de belanghebbende en de omstandigheden waaronder het verwijtbare handelen of nalaten plaatsvond, hoger of lager vaststellen of voor een langere periode dan als bepaald in de artikelen 3, 4 en 6. Bij de verhoging of verlaging als bedoeld in het eerste lid houdt het college rekening met eerdere gedragingen in het jaar voorafgaand aan het besluit waarin wordt vastgesteld dat de belanghebbende tekortschoot in één of meer van de in de artikelen 3, 4 en 6 bedoelde opzichten.

Rechtspraak bij dit artikel