Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 11

Artikel 11.2

Chronische zieken en gehandicapten 18 tot 65 jaar

Onderdeel van Handreiking Bijzondere bijstand en Voorzieningen voor minima 2012 Gemeente Neder-Betuwe

Artikel 10 lid 3 van de Invoeringswet (IW) WWB biedt de wettelijke mogelijkheid om categoriale bijstand aan chronisch zieken en gehandicapten te verlenen die ouder zijn dan 18 jaar en jonger zijn dan 65 jaar. Door, bij de uitvoering van de regeling voor chronisch zieken en gehandicapten, aansluiting te zoeken bij de bepalingen van de Zorgverzekeringswet t.a.v. deze doelgroep is het mogelijk om aan de hand van ob-jectieve normen ook tot toekenning van categoriale bijzondere bijstand over te gaan. Mensen op wie een van de volgende situaties van toepassing is, in aanmerking laten komen voor een tegemoetkoming wegens verborgen kosten die het gevolg zijn van chronische ziekte of handicap: • in het bezit zijn van een Gehandicaptenparkeerkaart (GPK) • WMO/AWBZ voorziening voor wonen, vervoer, rolstoel, langdurige huishoudelijke hulp Als belanghebbenden aangeven bekend te zijn bij het Zorgloket is het niet noodzakelijk dat zij zelf die beschikking(en) overleggen. Behandelend ambtenaar dient deze stukken dan intern te verzamelen (zorgdossier). De GPK wordt afgegeven door de Gemeentewinkel, zodat daar ook interne informatie opgevraagd dient te worden. Beleidsregel: Doelgroepbepaling regeling chronisch zieken en gehandicapten Behorend tot de doelgroep voor de regeling chronisch zieken en gehandicapten worden aangemerkt personen die • chronisch ziek en / of gehandicapt zijn en die in verband daarmee van Rijkswege gecompenseerd worden in de kosten van het eigen risico Zvw • een voorziening (wonen, vervoer, rolstoel) hebben op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning • (voor zichzelf) een voorziening voor huishoudelijke hulp hebben op grond van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning • (voor zichzelf) beschikken over een parkeervoorziening (Gehandicaptenparkeerkaart). Het gaat bij deze regeling om verborgen kosten. Bij verborgen kosten kan men bijvoorbeeld denken aan: • hogere telefoon- en portikosten i.v.m. het regelen van aangelegenheden rondom de beperkingen tengevolge van het ouder worden • extra kosten in verband met voedingsmiddelen • extra kosten in verband met energie • extra kleding slijtage • verhoogde (risico) premies • extra kosten in verband met klusjes rondom huis • bloemetje mantelzorg • lidmaatschapskosten van belangenvereniging en/of patiëntenorganisaties. Uitgangspunt is dat deze niet aangetoond kunnen en hoeven te worden. Vastgesteld is dat recht bestaat op deze uitkering in het kalenderjaar waarin voor de eerste maal een aanvraag is ingediend. Uitbetaling vindt plaats als bedrag ineens op een door de gemeente vast te stellen tijdstip / periode. Recht op bijstand gaat niet eerder in dan op 1 januari van het kalenderjaar in welke voor de eerste maal een aanvraag is ingediend. Beleidsregel: Categoriale bijzondere bijstand chronisch zieken en gehandicapten 1. Categoriale vergoedingsregeling voor verborgen kosten in stellen (voortzetten) voor de doelgroep chronisch zieken, gehandicapten. 2. Categoriale regeling alleen toepassen op basis van de hiervoor gestelde indicatoren. 3. Per (kalender-)jaar aan chronische zieken en gehandicapten tussen 18 en 65 jaar een bedrag verstrekken van € 350. 4. Recht op bijstand gaat niet eerder in dan op 1 januari van het kalenderjaar in welke voor de eerste maal een aanvraag is ingediend. 5. Lokale draagkrachtregels toepassen op deze regeling

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel