**1.** De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin belanghebbende(n) en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.
**2.** De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 en 7:17 van de wet.
**3.** Indien de voorzitter op grond van de in het tweede lid genoemde artikelen, besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan belanghebbende(n) en het verwerend orgaan.
Hoofdstuk 2:
Artikel 10