Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Verboden objecten

Onderdeel van Koninginnedagverordening Veenendaal 2012

1.. Op 28 april 2012 is het vanaf 10:00 uur verboden op of aan veiligheidsring 2, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende plattegrond, op of aan de openbare weg en openbare plaats, objecten zoals (vuil)containers, bloembakken, terrasmeubilair, terrasschermen, steigermateriaal en andere losse objecten te (doen) plaatsen dan wel aanwezig te hebben; 2.. Op 29 april 2012 is het vanaf 05:00 uur verboden binnen de veiligheidsring 3, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende plattegrond, op of aan de openbare weg objecten zoals (vuil)containers, bloembakken, terrasmeubilair, terrasschermen, steigermateriaal en andere losse objecten te (doen) plaatsen dan wel aanwezig te hebben. 3.. Het is verboden binnen de veiligheidsringen 1 tot en met 3, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende plattegrond, een terras te (doen) plaatsen dan wel aanwezig te hebben tot het moment dat van de zijde van de met toezicht en handhaving van deze verordening belaste ambtenaren, de mededeling is ontvangen dat deze verplichting is opgeheven. 4.. Bij constatering van een overtreding als bedoeld in het eerste en tweede lid, kunnen de met toezicht en handhaving van deze verordening belaste ambtenaren, vorderingen geven ter handhaving van de bepalingen in dit artikel. 5.. Rechthebbenden of gebruikers van objecten die als verdachte objecten worden aangemerkt en geplaatst zijn op of aan de openbare weg of op een openbare plaats, gelegen binnen de veiligheidsringen 1 tot en met 3 en in de straten gelegen in de aanrijroute, zijn verplicht op bevel of vordering van de met toezicht en handhaving van deze verordening belaste ambtenaren, deze objecten onmiddellijk te verwijderen en verwijderd te houden, totdat van de zijde van de daartoe bevoegde ambtenaren van politie de mededeling is ontvangen dat deze verplichting is opgeheven. 6.. Indien geen medewerking wordt, of kan worden verleend, aan de in dit artikel bedoelde bevelen of vorderingen, kunnen de in het derde lid genoemde ambtenaren, op kosten en risico van de rechthebbende of gebruiker van het object, in het nodige voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel