Naar hoofdinhoud

Artikel 2:

Omgevingsvergunning voor waardevolle en monumentale bomen

Onderdeel van Verordening boombescherming gemeente Sluis

Lid 1.Dit verbod is in verschillende opzichten ruimer dan het lijkt. Vellen is meer dan alleen omzagen en houtopstand is meer dan alleen een boom (zie artikel 1). Lid 3. Artikel 15 van de Boswet beperkt de bevoegdheid tot het instellen van een verbod tot vellen bij gemeentelijke verordening. Deze beperking heeft inhoudelijk betrekking op de in artikel 15 lid 2 Boswet genoemde houtopstand: populieren of wilgen als wegbeplantingen of eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, tenzij deze zijn geknot; fruitbomen en windschermen om boomgaarden; fijnsparren of andere coniferen, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen; kweekgoed; houtopstand, die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en niet gelegen is binnen een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die: ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are; ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen. De zinsnede “die aantoonbaar op bedrijfseconomische wijze worden geëxploiteerd” bedoelt de alle hiervoor genoemde uitzonderingen conform de Memorie van Toelichting op de Boswet te beperken tot bomen met een aantoonbare economisch doel en te onderscheiden van sierbomen. Onder het kapverbod valt dus niet het houden en de economische exploitatie van (vrucht)bomen. Vanwege de vereenvoudiging van regelgeving voor voornamelijk de burgers mogen bomen geveld worden, tenzij deze staan geregistreerd als monumentaal (bij de Bomenstichting) of waardevol (bij de gemeente). Dit is de basis van deze gehele verordening. Er geldt geen ondermaat voor wat de bomen betreft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel