**·.** 1. Het is verboden op of in openbaar water:
a. met een motorvaartuig te varen met een snelheid hoger
dan 9 km per uur;
b. met enig vaartuig zodanig te varen, dat er hinder of
gevaar voor andere gebruikers van het openbaar water kan
worden veroorzaakt;
c. de motor(en) van motorvaartuigen te laten draaien met
ingeschakelde schroef (schroeven), terwijl het vaartuig
ligt afgemeerd, althans stil ligt aan een steiger of in
een haven, zodanig dat de afstand van de schroef tot de
steiger of oeverlijn aanleiding kan geven tot
beschadiging van oevers, steigers en andere
waterbouwkundige werken, alsmede van de
oeverbeplanting;
d. met de motor(en) van motorvaartuigen onnodig lawaai
te veroorzaken en de motor(en) van motorvaartuigen
tijdens het stilleggen onnodig in werking te
hebben;
e. te waterskiën;
f. te valschermzweven.
**·.** 2. De eigenaar van een vaartuig is verplicht er zorg voor te
dragen dat daarmee niet in strijd met deze verordening wordt
gevaren.
**·.** 3. Van het in het eerste lid onder a, e en f gestelde kan door
het college een ontheffing worden verleend.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 6A
Artikel 5:32b
Motorvaartuigen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening West Maas en Waal 2012