**·.** 1. Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins
voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:
a. langer dan op drie achtereenvolgende dagen te
plaatsen of te hebben op een door het college aangewezen
weg, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het
oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte of
schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de
gemeente;
b. op een door het college aangewezen plaats te
parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor
het uiterlijk aanzien van de gemeente.
**·.** 2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste
lid, aanhef en onder a, gestelde verbod.
**·.** 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover
in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het
Provinciaal wegenreglement of de Provinciale
landschapsverordening.
**·.** 4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet
bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig
beslissen) niet van toepassing.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 1
Artikel 5:6
Kampeermiddelen e.a.
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening West Maas en Waal 2012