Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder
vergunning van de burgemeester.
De burgemeester weigert de vergunning indien de exploitatie van de
openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan,
beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit.
In afwijking van artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning
slechts geheel of gedeeltelijk weigeren indien naar zijn oordeel
moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving
van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare
wijze nadelig wordt beïnvloed.
Bij de toepassing van de in het derde lid genoemde weigeringsgrond
houdt de burgemeester rekening met het karakter van de straat en de
wijk, waarin de openbare inrichting is gelegen of zal zijn gelegen,
de aard van de openbare inrichting en de spanning, waaraan het
woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan
door de exploitatie van de openbare inrichting.
De burgemeester weigert de vergunning als bedoeld in het eerste lid
indien de aanvrager geen verklaring omtrent gedrag overlegt die
uiterlijk drie maanden voor de datum waarop de vergunningaanvraag is
ingediend, is afgegeven.
Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich
bevindt in:
een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor
zover de activiteiten van de openbare inrichting een ondergeschikte
nevenactiviteit is van de winkelactiviteit;
een zorginstelling;
een museum; of
een bedrijfskantine of –restaurant.
rouwcentra, begraafplaatsen en crematoria
een onderwijsinstelling
een logiesverstrekkend bedrijf volgens het systeem van bed &
breakfast
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve
fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van
toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid.
Artikel 2:28
Exploitatie openbare inrichtingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Heerde 2017