**1..** De verlaging van de bijstandsnorm of de toeslag als bedoeld in
artikel 28 van de wet bedraagt:
voor de alleenstaande schoolverlater van 23 jaar of ouder
10% van de bijstandsnorm als bedoeld in artikel 21, lid 1
van de wet;
voor de alleenstaande ouder, die als schoolverlater is aan
te merken, 10% van de bijstandsnorm als bedoeld in artikel
21, lid 1 van de wet;
voor het gezin waarvan één van de gezinsleden als
schoolverlater is aan te merken, 10% van de bijstandsnorm
als bedoeld in artikel 21, lid 1 van de wet.
**2..** De verlaging op grond van het bepaalde in het eerste lid is
gedurende zes maanden na beëindiging van het onderwijs of een
beroepsopleiding op de schoolverlater van toepassing voor
zover:
sprake is van een recente beëindiging (korter dan zes
maanden voor aanvang van de bijstand) van de deelname aan
het onderwijs of een beroepsopleiding;
voor het onderwijs of de beroepsopleiding aanspraak bestond
op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering
2000 of op een tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en de
schoolkosten op grond van hoofdstuk 4 van de Wet
tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten.
**3..** Van een verlaging op grond van dit artikel wordt afgezien, indien
één of beide ouders onderdeel uitmaakt respectievelijk onderdeel
uitmaken van het gezin waartoe de schoolverlater behoort.
Artikel 6
Verlaging bijstandsnorm of toeslag bij schoolverlaters
Onderdeel van Toeslagenverordening gemeente Dinkelland 2012