Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet investeren in jongeren en de Algemene wet bestuursrecht.
In deze verordening wordt verstaan onder:
WIJ: Wet investeren in jongeren;
gehuwdennorm: de norm als bedoeld in artikel 28, eerste lid onderdeel d, WIJ;
verzorgingsbehoevende: diegene die aantoonbaar is aangewezen op verzorging of verpleging ter voorkoming van opname in een inrichting;
een ander: een andere persoon dan de jongere, die alleenstaande, alleenstaande ouder of gehuwde is, voor welke laatste de toepassing van een toeslag of verlaging op grond van deze verordening bepaald dient te worden;
woning: een woning als bedoeld in artikel 1, onderdeel j, Wet op de huurtoeslag, alsmede een woonwagen of woonschip, als bedoeld in artikel 3, zesde lid, Wet werk en bijstand;
woonkosten:
1°. indien een huurwoning wordt bewoond, de per maand geldende huurprijs, als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de huurtoeslag;
2°. Indien een eigen woning wordt bewoond, de tot een bedrag per maand omgerekende som van de verschuldigde hypotheekrente en de in verband met het in eigendom hebben van de woning te betalen zakelijke lasten en een naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud;
schoolverlater: de jongere die onderwijs of een beroepsopleiding, welke aanspraak gaf op studiefinanciering op grond van de Wet Studiefinanciering 2000 (WSF 2000) of op een tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS), beëindigd heeft, gerekend tot uiterlijk 6 maanden vanaf de datum van beëindiging van de aanspraken op de WSF 2000 of de WTOS;
[vervallen per 31 december 2011]
Hoofdstuk 1.
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren 2011