**1..** Onder schending van de in artikel 5 genoemde arbeidsverplichtingen wordt in ieder geval de volgende gedragingen verstaan:
het niet meewerken aan het opstellen van een plan met betrekking tot de arbeidsinschakeling, waaronder begrepen mee te werken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling.
onredelijke eisen stellen in verband met door de jongere te verrichten algemene geaccepteerde arbeid
niet dan wel in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de geschiktheid voor scholing of opleiding of aan scholing of opleiding zelf;
niet meewerken aan activiteiten of werkzaamheden, gericht op de arbeidsinschakeling;
het nalaten de opgedragen werkzaamheden of activiteiten naar beste vermogen te verrichten;
zich niet onderwerpen aan een noodzakelijke behandeling van medische aard;
niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen en te aanvaarden;
zich op een zodanige wijze gedragen dat de inschakeling in de arbeid wordt belemmerd;
niet dan wel niet tijdig voldoen aan een oproep om, in verband met de inschakeling in de arbeid, op een bepaalde plaats en tijd te verschijnen;
weigeren of het niet voldoende gebruik maken van de door het College aangeboden voorziening(en) en/of re-integratietraject(en) gericht op arbeidsinschakeling, waaronder begrepen sociale activering en inburgering;
niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid, waaronder begrepen het niet meewerken aan bemiddeling naar een concrete dienstbetrekking;
weigering van deelname aan een specifiek op arbeidstoeleiding gericht project.
Hoofdstuk 2
Artikel 6
Gedragingen
Onderdeel van Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren 2010