Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 2

Begripsbepalingen werkleeraanbod

Onderdeel van Verordening werkleeraanbod Wet investeren in jongeren 2009

In deze verordening wordt verstaan onder: werkleeraanbod: het aanbieden van algemeen geaccepteerde arbeid, een voorziening gericht op arbeidsinschakeling, waaronder begrepen scholing, opleiding of sociale activering alsmede ondersteuning bij arbeidsinschakeling; arbeidsinschakeling: het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een voorziening als bedoeld in artikel 7 lid 1 onder a Wet werk en bijstand; voorziening: een middel of instrument ter uitvoering van het werkleeraanbod als bedoeld onder a, deze verordening en het beleidsplan als bedoeld in artikel 4 van deze verordening; ondersteuning: het geheel van activiteiten die het College verricht ten behoeve van de arbeidsinschakeling van de jongere; traject: een met de jongere overeengekomen, dan wel een door het College bepaald geheel van ondersteuning en/of voorzieningen gericht op arbeidsinschakeling; algemeen geaccepteerde arbeid: iedere vorm van reguliere arbeid op basis van een arbeidsovereenkomst dan wel een bedrijf of zelfstandig beroep, dat algemeen maatschappelijk aanvaard is en naar het oordeel van het College redelijkerwijs niet indruist tegen de openbare orde, lichamelijke en/of geestelijke integriteit van een belanghebbende; arbeidsovereenkomst: een arbeidsovereenkomst als bedoeld in art. 7:610 Burgerlijk Wetboek dan wel een aanstelling als ambtenaar als bedoeld in artikel 1 lid 1 Ambtenarenwet; duurzame arbeidsparticipatie: arbeidsinschakeling, na uitvoering en afronding van een of meerdere werkleeraanbiedingen, op basis van een arbeidsovereenkomst dan wel een bedrijf of zelfstandig beroep, van meer dan 6 maanden, doch bij voorkeur voor een langere periode, voor een zodanig aantal uren dat de jongere geen beroep meer hoeft te doen op een werkleeraanbod met een daaruit voortvloeiend recht op inkomens-voorziening op grond van de WIJ of een uitkering voor de noodzakelijke bestaanskosten op grond van enig andere sociale zekerheidswet; voorliggende voorziening: elke voorziening buiten de WIJ, waarop de jongere daadwerkelijk aanspraak kan maken, dan wel een beroep kan doen, voor de arbeidsinschakeling, het volgen van direct door de Rijksoverheid bekostigd onderwijs, het verwerven van middelen of het bekostigen van specifieke uitgaven; trajectplan: een planmatige beschrijving van het traject; casemanager: gemeentelijke functionaris die optreedt als begeleider, trajectcoördinator en -regisseur van de jongere; nazorg: het volgen, begeleiden en adviseren van de jongere, alsmede evalueren van en, waar nodig, interveniëren op diens situatie gedurende een nader vastgestelde periode bij duurzame arbeidsparticipatie en/of na aanvang van scholing dan wel een opleiding; startkwalificatie: een diploma van een opleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onderdelen b tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of een diploma hoger algemeen voortgezet onderwijs of voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7 onderscheidenlijk 8 van de Wet op het voortgezet onderwijs

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel