De gemeente betaalt het persoonsgebonden budget per kwartaal vooraf aan de budgethouder voor hulp bij het huishouden.
De gemeente betaalt ineens aan de budgethouder voor de overige voorzieningen het verleende persoonsgebonden budget.
De budgethouder is een eigen bijdrage verschuldigd, waarbij de hoogte van de eigen bijdrage door het CAK wordt vastgesteld.
De budgethouder verantwoordt de besteding van het persoonsgebonden budget waarop het budget betrekking heeft. In de beschikking wordt vermeld wat de budgethouder, voor zover van toepassing, aan het college verstrekt:
de factuur van de aangeschafte voorziening;
een betalingsbewijs van de aangeschafte voorziening;
een overzicht van de salarisadministratie;
een kopie van de arbeidsovereenkomst;
zorgovereenkomst;
overige bescheiden die het college voor de verantwoording noodzakelijk acht.
Het college controleert altijd of het verstrekte persoonsgebonden budget besteed is aan het doel waarvoor het verstrekt is. De budgethouder is verplicht de daarvoor bij lid 4 genoemde stukken aan het college te verstrekken.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4
Uitvoering persoonsgebonden budget
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning 2012