Het college stelt regels die waarborgen dat de uitvoering van de
begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt.
Het college draagt ten aanzien van de productenraming er zorg voor
dat:
de lasten en baten, door middel van kostentoerekening,
eenduidig zijn toegewezen aan de producten van de
productraming;
de budgetten uit de productraming en kredieten voor
investeringen passen binnen de kaders zoals geautoriseerd
bij de vaststelling van de programmabegroting;
Het college draagt er zorg voor dat de lasten van de programma's
zoals geautoriseerd in de (gewijzigde) begroting niet worden
overschreden.
Daar waar sprake is van vrij inzetbare meevallers komen deze, tenzij
de raad hierover anders besluit, ten gunste van de algemene
middelen.
Uitzonderingen op de uitgangspunten in lid 3 vormen overschrijdingen
van een programma, met een maximum van € 50.000,- per keer, welke
worden gecompenseerd met een direct gerelateerde inkomstenpost
(bijvoorbeeld subsidies of bijdragen van derden);
Het college stelt de onder lid 5 genoemde overschrijdingen vast via
een begrotingswijziging.
Door derden beschikbaar gestelde middelen met een specifiek
bestedingsdoel worden, voor zover de middelen worden aangewend voor
dit doel, via een administratieve wijziging of collegebesluit in de
begroting verwerkt tot het bedrag van de beschikking.
Titel 1. › Paragraaf
Artikel 6.