Indien het college van burgemeester en wethouders van mening is dat de gemelde financiële belangen de goede vervulling van de functie of de goede functionering van de openbare dienst, voor zover deze in verband staan met de functievervulling, niet in redelijk is verzekerd, ontvangt de medewerker een gemotiveerd besluit omtrent de financiële belangenverstrengeling.
Indien er sprake is van financiële belangenverstrengeling wordt in samenspraak met de betrokken medewerker naar een oplossing gezocht.
In het uiterste geval is de medewerker verplicht het financiële belang af te stoten.
Bij het aanhouden van de verboden financiële belangen kan een disciplinaire straf worden opgelegd.